Tax

Wet van 18 december 2025 – belangrijkste fiscale maatregelen in vogelvlucht


Op 30 december 2025 verscheen in het Belgisch Staatsblad de verzamelwet met diverse fiscale bepalingen. De wet omvat een brede reeks wijzigingen die voornamelijk ingaan vanaf aanslagjaar 2026. Hieronder volgt een overzicht van de kernpunten.

 

1. Stopzetting federale voordelen in de vastgoedfiscaliteit

De federale aftrek voor intresten op leningen voor de aankoop of het behoud van vastgoed dat niet als eigen woning wordt gebruikt, wordt afgeschaft vanaf aanslagjaar 2026.
De maatregel geldt ook voor lopende leningen.

Daarnaast verdwijnen nog enkele belastingvoordelen:

  • de federale woonbonus;
  • de bijkomende interestaftrek;
  • de belastingvermindering voor bouwsparen;
  • de vermindering voor intresten op groene leningen.

 

2. Hervormingen in het expatstelsel

Het fiscale regime voor ingekomen werknemers en onderzoekers wordt versoepeld. De wijziging omvat onder meer:

  • verhoging van het percentage kosten eigen aan de werkgever van 30% naar 35%;
  • afschaffing van het maximumplafond van € 90.000;
  • verlaging van het vereiste minimumloon van € 75.000 naar € 70.000.

De nieuwe regels gelden voor bezoldigingen die worden uitbetaald of toegekend vanaf 1 januari 2025.

 

3. Flexi‑jobs: hoger grensbedrag

Voor flexi‑jobmedewerkers die nog niet gepensioneerd zijn, wordt het plafond voor fiscaal vrijgesteld bijverdienen verhoogd tot € 18.000 vanaf inkomstenjaar 2025.

 

4. Onderhoudsuitkeringen: geleidelijke beperking van de aftrek

De fiscale aftrek voor betaalde onderhoudsuitkeringen wordt stelselmatig verminderd:

  • 70% vanaf 2025,
  • 60% in 2026,
  • 50% in 2027.

Bij de ontvanger wordt het belastbaar gedeelte in dezelfde verhouding aangepast.
Verder wordt de aftrek alleen nog toegestaan wanneer de genieter in de EER of Zwitserland woont.

5. Verstrengde voorwaarden voor personen ten laste

Vanaf aanslagjaar 2026 treden verschillende wijzigingen in werking:

  • Het maximum aan nettobestaansmiddelen voor kinderen wordt uniform vastgesteld op € 12.000.
  • Personen met beroepsinkomsten die beroepskosten genereren voor de belastingplichtige, kunnen niet langer ten laste worden opgenomen.
  • Personen met een leefloon komen niet meer in aanmerking.
  • Studiebeurzen worden niet langer als bestaansmiddelen uitgesloten wanneer ze bijdragen tot het opbouwen van sociale zekerheidsrechten.

 

6. Bevriezing van de indexering

De indexatie van verschillende federale fiscale uitgaven wordt opgeschort tot en met aanslagjaar 2030. De referentie blijft daarbij het niveau van aanslagjaar 2025.

 

7. Hoger belastingkrediet voor eigen middelen (eenmanszaken)

Vanaf aanslagjaar 2026 wordt het belastingkrediet voor het versterken van eigen middelen aanzienlijk verhoogd:

  • tarief stijgt van 10% naar 20%;
  • maximumbedrag stijgt van € 3.750 naar € 7.500.

 

8. Vereenvoudiging van de belastingaangifte

Een reeks bestaande fiscale voordelen en uitzonderingen verdwijnen volledig, waaronder:

  • de vrijstelling voor sociaal passief bij het eenheidsstatuut (voor bezoldigingen na 30 september 2025);
  • de belastingvermindering voor minderwaarden binnen private privaks;
  • de vermindering voor tewerkstelling van huisbedienden;
  • de belastingvermindering voor rechtsbijstandsverzekeringen;
  • de vrijstelling op meerwaarden op bedrijfsvoertuigen (voor meerwaarden na 31 augustus 2025).

Ook de belastingvermindering voor giften daalt vanaf aanslagjaar 2026 van 45% naar 30%.

 

9. Maaltijdcheques: verhoging van de werkgeverstussenkomst

Voor maaltijdcheques die worden toegekend vanaf 1 januari 2026:

  • stijgt de maximale werkgeversbijdrage van € 6,91 naar € 8,91;
  • wordt het fiscaal aftrekbare deel verhoogd van € 2 naar € 4 per cheque, op voorwaarde dat de werkgever het volledige bedrag van € 8,91 betaalt.

 

10. Autofiscaliteit: nieuwe spelregels voor plug‑in hybrides

Voor plug‑in hybride voertuigen die vanaf 1 januari 2026 worden aangeschaft, wordt een nieuw aftrekbaarheidsschema ingevoerd in de personenbelasting.

Bovendien past de wetgever de criteria voor “valse plug‑in hybrides” aan op basis van de Euro 6e‑bis norm.
Een voertuig wordt als vals hybride beschouwd wanneer:

  • de batterijcapaciteit lager is dan 0,5 kWh per 100 kg, of
  • de CO₂‑uitstoot hoger ligt dan 75 g/km (voorheen 50 g/km).

 

11. Investeringsaftrek: technische aanpassingen

Voor investeringen vanaf 2025:

  • vervalt de tijdsbeperking op overdraagbaarheid van de basisaftrek;
  • stijgt de verhoogde thematische aftrek voor grote ondernemingen van 30% naar 40%.

 

12. DBI‑aftrek uitbreidbaar naar groepsbijdragen

Vanaf aanslagjaar 2026 kan de DBI‑aftrek ook worden toegepast op groepsbijdragen die worden ontvangen van verbonden ondernemingen. Dit biedt bijkomende mogelijkheden voor interne verliescompensatie.

 

13. Strikter kader voor DBI‑beveks

Beveks en gelijkaardige structuren binnen het DBI‑stelsel worden strenger gereguleerd.
De wet voorziet onder meer:

  • een afzonderlijke aanslag van 5% op eerder vrijgestelde gerealiseerde meerwaarden;
  • een beperking op de verrekening van roerende voorheffing wanneer niet aan de minimumbezoldiging wordt voldaan.

 

14. Hervormingen binnen de tweede pensioenpijler

Belangrijke wijzigingen zijn:

  • vanaf 1 juli 2027: een solidariteitsbijdrage van 2% op het deel van de pensioenkapitalen dat € 150.000 overschrijdt (geïndexeerd bedrag);
  • vanaf 2026: een sterke verhoging van de Wijninckx‑bijdrage van 3% naar 12,5%.

 

15. Aanslag- en controletermijnen opnieuw ingekort

Retroactief vanaf aanslagjaar 2023 worden eerdere uitbreidingen grotendeels teruggedraaid:

  • de fraudetermijn wordt opnieuw 7 jaar voor zowel inkomstenbelastingen als btw;
  • de bewaartermijn van documenten wordt teruggebracht naar 7 jaar;
  • de 6‑jarige en 10‑jarige termijnen voor respectievelijk semi‑complexe en complexe aangiften verdwijnen;
  • de 4‑jarige termijn bij niet- of laattijdige aangifte blijft bestaan en geldt voortaan ook voor complexe dossiers.

 

16. Uitbreiding van het CAP‑systeem

In het kader van fraudebestrijding krijgt de fiscus extra toegang tot het Centraal Aanspreekpunt van de Nationale Bank voor controles op de jaarlijkse taks op effectenrekeningen.

Daarnaast:

  • wordt het toepassingsgebied uitgebreid naar rekeningen die verband houden met crypto‑activa;
  • worden stappen gezet om datamining binnen het CAP mogelijk te maken.